foto
Vrijdag 10 juli 1953


Moderne kerkbouw te Ens
foto

(Van een onzer redacteuren)


Gelukkig
samengaan van
beeldende kunst
en architectuur
Het is helaas vaak zo, dat in Nederlandse dorpen de kerken als zij ten minste niet in de 18e eeuw of eerder gebouwd zijn, de lelijkste gebouwen zijn die men er vinden kan. Honderden dorpen zijn voor vele jaren verknoeid doordat er deze foeilelijke maar hechte bouwsels in zijn opgericht. Dit alles moge verdrietig zijn, het mag ons niet tot pessimisme brengen, want in toenemende mate verrijzen kerkgebouwen, die een vreugde zijn om te zien. De moderne architect tracht met de hem ten dienste staande middelen te bereiken, dat het kerkgebouw in harmonie met zijn omgeving en bestemming, en daarbij aesthetisch ten volle verantwoord is. Geen gemakkelijke opgave. De architecten die in de nieuwe dorpen van de grote IJsselmeerpolders bouwen, hebben het ogenschijnlijk gemakkelijker dan zij die in bestaande woonkernen moeten bouwen. Dit is echter inderdaad slechts ogenschijnlijk. Want de eerste moeten met beperkte financiële middelen werken, zijn meningmaal gebonden aan de plaatselijke omstandigheden, die technische experimenten onmogelijk maken, en zijn verplicht binnen het raam van een straffe coördinatie hun scheppingsdrift uit te leven.


Geslaagd experiment
Wij waren dezer dagen in Ens, een dorp in de Noord-Oostpolder en zagen daar de op 21 Mei jl. in gebruik genomen Hervormde kerk, gebouwd door de Amsterdamse architecten Nielsen en Spruit, en, dank zij veler offervaardigheid, gedecoreerd door B.B. Hendriks, eveneens een Amsterdammer. Het is een fraai gebouw, dat, te zamen met een verenigingsgebouw en een pastorie, het hart vormt van Ens. Het biedt plaats aan ongeveer 450 bezoekers.
Het exterieur geeft aanleiding tot het maken van enkele opmerkingen. De kerk draagt een uitgesproken landelijk karakter, doet zelfs aan West-Friesland denken. Het hoge dak met daarop heel sierlijke ruiter is van grote afstand te zien en markeert het eenvoudige dorpsprofiel. De ramen overtuigden ons niet geheel. Misschien domineren de lijsten te veel of staan zij niet harmonisch in de gevel; hoe het zij, bij beschouwing doen zij zich voor als een enigermate vreemd element in de baksteengevel.
Het kerkje is de liggende helft van een kubus: de gevels hebben niet een dragende functie, ook niet schijnbaar, want zij staan op een dusdanige afstand van de het dak schragende constructie, dat zij zelfs van een bepaalde afstand gezien, óm de eigenlijke kerk schijnen te zijn gebouwd, een verschijnsel waaraan ook het schuurmuur-karakter van de gevel niet geheel vreemd is. Allerminst mag hieruit worden afgeleid, dat het gebouw de indruk geeft, niet geslaagd te zijn. Niets is minder waar. Wij noemen slechts enkele zaken, die wijzen op een nog niet geheel ,,rijp'' zijn van de aan het gebouw ten grondslag liggende idee. De kerk ,,doet'' het uitnemend in de omgeving van eenvoudige huizen en mist het opdringerig-moderne, dat sommige nieuwe kerken moeilijk aanvaardbaar maakt.

KERK TE ENS,
gebouwd door de architecten Nielsen en Spruit
De architecten hebben zeer wel begrepen, dat men een zo kleine kerk los moet houden van pastorie en dienstgebouw. Een hoog oprijzende kerk kan lage, aangesloten bouw zeer wel hebben, een kleine kerk wordt, indien er aangesloten bebouwing is, slechts het grootste lokaal van het complex. Daarom is in Ens de kerk vrij neergezet en aan (op) een hard plein: de jeugd kan spelen vlak om de kerk heen. Er is geen afstand-scheppend element. Het verenigingsgebouw is eveneens aan het plein opgetrokken.
Om de hoofddeur heen is een mozaïek aangebracht, ontworpen door B.B. Hendriks, voorstellende de gelijkenis van de zaaier.
Aangezien met zeer bescheiden middelen moest worden gewerkt, kon toen besloten was, op de voorgevel dit mozaïek aan te brengen, geen kostbaar materiaal worden verwerkt. Het mozaïek is daarom samengesteld uit brokjes baksteen. Gebruik is gemaakt van de vele kleuren, die dit materiaal vertoont.
Het is een fraai werkstuk geworden, dat, door het materiaal vooral, niet als plaatje-op-gevel werkt. Uiteraard zal over toepassing van mozaïek aan de buitenzijde van een kerkgebouw verschillend geoordeeld worden. Zeker is, dat dit experiment aantoont, dat een mozaïek niet behoeft te domineren.
In een onderhoud, dat wij met de heer Nielsen hadden, brachten wij naar voren dat de horizontale beroeding van de ramen ons inziens niet al te gelukkig was. Bij verticale beroeding zou, dachten wij, het raam hoger geleken hebben, iets dat in de sterk horizontaal werkende gevel winst zou hebben betekend. Dit klemt te meer, omdat de beglazer, de heer Hendriks, in overleg met de architect, de raamvulling zeer sober heeft gehouden, ook wat de kleur betreft. De enkele duidelijk zichtbare motieven werken nu, buiten bezien, als voorwerpen op schappen van een deurloze kast. De architect wees er ons op, dat omstandigheden buiten hem gelegen, gedwongen hebben tot horizontale beroeding.

Interieur
Het interieur is boeiend: de dragende delen zijn niet weggewerkt en er zijn zovele details, dat men het geheel niet bij eerste blik kan overzien.
De Amsterdamse beeldende kunstenaar B.B. Hendriks, die het in dit artikel besproken kerkgebouw ,,versierde'' met een gevel-mozaïek, en hiermede baanbrekend werk verrichtte, zal ook in de gevel van het jeugdgebouw, dat de Hervormde Gemeente van Huizen (N.-H.) heeft doen ontwerpen, een groot mozaïek aanbrengen, voorstellende ,,De wonderbare Visvangst''. Het gebouw, waarvan de grote zaal voorlopig als kerk zal dienst doen, is ontworpen door de architecten Nielsen en Spruit en ademt een even rustige als moderne geest.
Er is een omlopende gaanderij. De vloer is van tegels en, behalve voor de ambtsdragers, zijn er geen banken gelijkvloers. De door de architecten ontworpen stoelen met biezen zitting doen het uitstekend op de tegelvloer. Voor de eenvoudige preekstoel staat een tafel waarop zich het avondmaalsvaatwerk bevindt. Achter de preekstoel hangt een groot en opvallend fraai doek, een aplliqué, van niet al te kostbaar materiaal gemaakt. Het onttrekt de bakstenen muur aan het gezicht. Het is te betreuren, dat dit doek van zo onduurzaam materiaal gemaakt moest worden, want het is bijzonder mooi. Er zijn enkele christelijke symbolen op afgebeeld, o.a. het overwinnende Lam Gods.
De preekstoel is eenvoudig en rust op een betonnen blok. Over de ramen zeiden wij al het een en ander. Van de binnenzijde gezien doen zij het voortreffelijk. In heel eenvoudige vormen en in één kleur, is het scheppingsverhaal verbeeld. Wij menen, dat de heer Hendriks zich een alleszins bekwaam kerkdecorateur heeft betoond. Dat een dorpskerkeraad zich zo ruimdenkend voordeed, dat zij Hendriks' moderne kunst accepteerde, mag zeker ,,in de krant''. Wij hebben de overtuiging, dat menige steeds gemeente meer moeite zou hebben gegeven.
Resumerend mag gezegd, dat het Enzer kerkje een voorbeeld is van geslaagde nieuwbouw, een voorbeeld, dat zeker aandacht zal trekken. Dat niet alleen het gebouw zelf, maar vooral ook de wijze, waarop het is opgenomen in de omgeving, deze woorden wettigt, doet ze ons met te meer vreugde neerschrijven.