![]() | ||||
| Vrijdag 10 juli 1953 | ||||
Moderne kerkbouw te Ens | ![]() |
|||
|
(Van een onzer redacteuren)
Het exterieur geeft aanleiding tot het maken van enkele opmerkingen. De kerk draagt een uitgesproken landelijk karakter, doet zelfs aan West-Friesland denken. Het hoge dak met daarop heel sierlijke ruiter is van grote afstand te zien en markeert het eenvoudige dorpsprofiel. De ramen overtuigden ons niet geheel. Misschien domineren de lijsten te veel of staan zij niet harmonisch in de gevel; hoe het zij, bij beschouwing doen zij zich voor als een enigermate vreemd element in de baksteengevel. Het kerkje is de liggende helft van een kubus: de gevels hebben niet een dragende functie, ook niet schijnbaar, want zij staan op een dusdanige afstand van de het dak schragende constructie, dat zij zelfs van een bepaalde afstand gezien, óm de eigenlijke kerk schijnen te zijn gebouwd, een verschijnsel waaraan ook het schuurmuur-karakter van de gevel niet geheel vreemd is. Allerminst mag hieruit worden afgeleid, dat het gebouw de indruk geeft, niet geslaagd te zijn. Niets is minder waar. Wij noemen slechts enkele zaken, die wijzen op een nog niet geheel ,,rijp'' zijn van de aan het gebouw ten grondslag liggende idee. De kerk ,,doet'' het uitnemend in de omgeving van eenvoudige huizen en mist het opdringerig-moderne, dat sommige nieuwe kerken moeilijk aanvaardbaar maakt.
Om de hoofddeur heen is een mozaïek aangebracht, ontworpen door B.B. Hendriks, voorstellende de gelijkenis van de zaaier. Aangezien met zeer bescheiden middelen moest worden gewerkt, kon toen besloten was, op de voorgevel dit mozaïek aan te brengen, geen kostbaar materiaal worden verwerkt. Het mozaïek is daarom samengesteld uit brokjes baksteen. Gebruik is gemaakt van de vele kleuren, die dit materiaal vertoont. Het is een fraai werkstuk geworden, dat, door het materiaal vooral, niet als plaatje-op-gevel werkt. Uiteraard zal over toepassing van mozaïek aan de buitenzijde van een kerkgebouw verschillend geoordeeld worden. Zeker is, dat dit experiment aantoont, dat een mozaïek niet behoeft te domineren. In een onderhoud, dat wij met de heer Nielsen hadden, brachten wij naar voren dat de horizontale beroeding van de ramen ons inziens niet al te gelukkig was. Bij verticale beroeding zou, dachten wij, het raam hoger geleken hebben, iets dat in de sterk horizontaal werkende gevel winst zou hebben betekend. Dit klemt te meer, omdat de beglazer, de heer Hendriks, in overleg met de architect, de raamvulling zeer sober heeft gehouden, ook wat de kleur betreft. De enkele duidelijk zichtbare motieven werken nu, buiten bezien, als voorwerpen op schappen van een deurloze kast. De architect wees er ons op, dat omstandigheden buiten hem gelegen, gedwongen hebben tot horizontale beroeding. Interieur Het interieur is boeiend: de dragende delen zijn niet weggewerkt en er zijn zovele details, dat men het geheel niet bij eerste blik kan overzien.
De preekstoel is eenvoudig en rust op een betonnen blok. Over de ramen zeiden wij al het een en ander. Van de binnenzijde gezien doen zij het voortreffelijk. In heel eenvoudige vormen en in één kleur, is het scheppingsverhaal verbeeld. Wij menen, dat de heer Hendriks zich een alleszins bekwaam kerkdecorateur heeft betoond. Dat een dorpskerkeraad zich zo ruimdenkend voordeed, dat zij Hendriks' moderne kunst accepteerde, mag zeker ,,in de krant''. Wij hebben de overtuiging, dat menige steeds gemeente meer moeite zou hebben gegeven. Resumerend mag gezegd, dat het Enzer kerkje een voorbeeld is van geslaagde nieuwbouw, een voorbeeld, dat zeker aandacht zal trekken. Dat niet alleen het gebouw zelf, maar vooral ook de wijze, waarop het is opgenomen in de omgeving, deze woorden wettigt, doet ze ons met te meer vreugde neerschrijven. | ||||